10 x Bargoens, Jiddisch, Hebreeuws 2.0

In de vorige post noemde ik tien woorden die inmiddels zo ingeburgerd zijn dat we niet eens meer horen dat het oorspronkelijk geen Nederlandse woorden zijn. In deel 2 van deze tweeluik noem ik tien woorden die wat minder bekend zijn en waar je wel degelijk aan kunt horen dat ze een niet-Nederlandse oorsprong hebben.

10 x Bargoens, Jiddisch, Hebreeuws 1.0

Gezien het feit dat ik Hebreeuwse taal en cultuur studeerde en met het Bargoens ben opgegroeid, is het voor mij extra interessant om uit te zoeken welke Bargoense woorden zich via het Jiddisch zijn ontleend aan het Hebreeuws. Hiervoor heb ik gebruik gemaakt van Modern Bargoens woordenboek. Van achenebbisj tot zwijntje en 698 andere informele

‘t Dordtse dialect 3/3

“Sommigen schijnen zich […] voor hun dialect te schamen. Dat is volkomen overbodig; het kleurlooze Nederlandsch, het zg. Algemeen Beschaafd, verdient heelemaal geen aanbeveling en is voor taalstudie heel weinig waard”, aldus gemeente-archivaris Jan van Dalen in 1931 in zijn boek Geschiedenis van Dordrecht.

‘t Dordtse dialect 2/3

“Korsemis zeggen de Dordtenaren tegen Kerstmis. Fabriek wordt febriek. De w wordt soms een v, zoals in ‘Mervelande’. Andere typeringen: petoffel, petret, pussíes (precies), twaluf, arebeie, wérrukke. We zeggen ook: ombegrèpeluk tegen onbegrijpelijk. ‘Smaller’ wordt smalder en ‘kleiner’ steeds kleinder. As er iemand is gestorreve gaan we rije na de kerruk, maar híj komp t’r

‘t Dordtse dialect 1/3

Zoals ik al eerder schreef heb ik in het verleden hard mijn best gedaan om correcter Nederlands te leren spreken en schrijven. Inmiddels zie ik het echter als een verrijking dat ik met een regiolect/sociolect ben opgegroeid. Dat geldt voor het Bargoens waarover ik voor deze en deze blogpost een oud maar interessant boekje las,

’t Bargoens volgens Enno Endt 3/3

“In de praktijk is er natuurlijk tussen volkstaal en Algemeen Beschaafd een permanente wisselwerking. Wij zagen in het voorgaande historisch overzicht reeds perioden van verhoogde interesse voor, en daarmee invloed van de volkstaal. Een invloed die zich in de letterkunde onder andere openbaart.” [p. 57] “Als de spreker van het Algemeen Beschaafd — de abstracte

’t Bargoens volgens Enno Endt 2/3

“Het gebied der zuidelijke Nederlanden was en is een trefpunt van verschillende talen, Frans en Duits en ‘Diets’, en werd in deze tijd nog bovendien door Spaanse huurlegers bezocht, doorzworven door de afgedankte huursoldaten. Dauzat geeft als een andere ontstaansvoorwaarde van Bargoens aan: de meertaligheid.” [p. 14] “Het identificeren hiervan is biezonder moeilijk, en beslist

’t Bargoens volgens Enno Endt 1/3

Volgens Koenens woordenboek is Bargoens ‘de geheime taal van boeven, landlopers en dieven, met Jiddische elementen’. En De boeventaal van Köster Henke kreeg als ondertitel Zakwoordenboekje van het Bargoensch. Het zijn omschrijvingen die ik tal van keren heb gehoord, maar die ik nog altijd erg gek vind klinken. Ik associeer mijn oma namelijk totaal niet