Cremeer me en strooi me uit, alsjeblieft

Door het overlijden van mijn vader en alles wat er bij kwam, ben ik heel anders naar mijn eigen uitvaart gaan kijken. Enerzijds omdat ik mijn nabestaanden niet wil belasten, anderzijds omdat het me eigenlijk geen ene moer meer kan schelen. Eerst dacht ik dat ik mooi herdacht moest worden, nu denk ik dat dood eigenlijk gewoon dood betekent.

Het verhaal dat ik op 19 september schreef, moet ik dus een maand later alweer herzien. Niet zozeer wat betreft de dienst, de liedjes en gedichten blijven voorlopig hetzelfde, maar wat er met mijn lichaam gebeurt. Ik wil ineens niet meer begraven worden maar gecremeerd, en daarna uitgestrooid. Nee, dit is geen momentopname. Ik besef gewoon dat mijn graf toch maar zelden zal worden bezocht. En ik dacht nooit eerder na over cremeren, want binnen onze familie wordt iedereen begraven. Maar nu weet ik dat cremeren veel beter bij me past.

Maar stop me niet in een urn, alsjeblieft.

Cremeer me en strooi me uit, alsjeblieft.

Er werd hier en daar een beetje lacherig gereageerd op mijn vorige blogpost met betrekking tot hoe mijn uitvaart eruit moet komen te zien. Hét bewijs dat mensen er niet mee bezig willen zijn, uit angst of gemakzucht, terwijl je je omgeving ontlast als je het wel zou doen. Anders gezegd: ik vond het ontzettend zwaar om de uitvaart van mijn vader te moeten regelen, en alle zaken eromheen. Ik bedoel, ik sprong vanmiddag pas op de fiets om te gaan kijken voor een grafsteen. Mijn vader is al meer dan anderhalve maand geleden overleden!

Dat klinkt misschien kort, maar na zoveel slopende weken — die ik maar met slechts een aantal mensen heb door kunnen maken — wil ik dat de rust een beetje terugkeert. Ik ben moe, ik ben doodop. Maar met het bestellen van de grafsteen valt er gelukkig weer een last van m’n schouders.

Ik moet zeggen dat ik er best rustig onder ben, hoor. Maar aan de andere kant wil ik het graag afronden. Ik heb geen idee of ik momenteel aan het rouwen ben, bijvoorbeeld. Dat gevoel is, door alles wat er gebeurde, behoorlijk afgevlakt. Althans, dat dénk ik. Ik weet gewoon niet zo goed wat ik op dit moment op dit vlak voel, of wat ik ‘hoor’ te voelen. Want tja, dat iedereen op een eigen manier rouwt wordt in mijn omgeving ook niet bepaald gewaardeerd.

Door alle emoties wil ik mensen graag op alle bijkomende ballast wijzen. Denk na over je eigen uitvaart, zoek je troep in huis uit en verdeel de waardevolle spullen alvast. Heus, ik begrijp dat mensen het voor zich uit schuiven en er niet aan willen denken als dat niet hoeft, maar eigenlijk hoeft dat juist wél. Het kan tenslotte morgen ineens over zijn. 😉 Ik vind het een vorm van egoïsme om deze immens grote taak aan de nabestaanden over te laten. Zeker als je maar één kind en géén partner achterlaat.

Ik laat niemand achter.

En daardoor zal niemand mijn graf bezoeken.

Dus aan degene die mijn levenloze lichaam ooit vindt: cremeer me en strooi me uit, alsjeblieft.

Stop me niet in een urn of in een kist, maar alsjeblieft, cremeer me en strooi me uit.



Bron foto: Regionaal Archief Dordrecht

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *