Mijn vaders oma overleed in rusthuis Eureka

Ik heb de ouders van mijn vader nooit ontmoet. Nooit heb ik het contact gemist, want ik woonde in de straat die paralel liep aan de straat waar mijn moeders ouders woonde en dus kwam ik logischerwijs elke dag bij hen over de vloer. Ik had genoeg aan één opa en één oma.

Toch vond ik het ondertussen wel een vreemd idee dat ik ergens anders nog een opa en een oma had, en waar ik dus niets van wist. En doordat ze niet als mijn grootouders voelden (en nog steeds niet voelen), heb ik het bij mijn vaders ouders altijd over ‘mijn vaders vader en moeder’. Mijn opa en oma zijn de ouders van mijn moeder.

Een duidelijk onderscheid, maar wel een onderscheid dat een beetje onnatuurlijk voelt.

Lang verhaal kort: ik vind het best lastig om het onderzoek naar mijn vaders kant volledig los te laten. Gisteravond kwam ik de enige foto die ik van mijn vaders ouders heb weer tegen en dan komt dat vervelende gevoel weer op. Een gevoel waar ik niks mee kan, maar ook een gevoel waarvan ik niet eens weet wat voor gevoel het nu precies is. Een hekel heb ik natuurlijk niet aan ze, ik heb ze immers nooit gekend.

Doordat de behoefte om meer te weten te komen onbewust blijft bestaan, plaatste ik gisteren voor de zoveelste keer een oproep in mijn eigen Facebook-groep ’t Dordrecht van toen — Geschiedenis van een eiland. Ik kreeg een reactie van een lid. Zij vertelde me dat in 1965 mijn vaders oma en tante op hetzelfde adres woonde als waar mijn vader geboren werd. Nieuwe informatie, dus ging ik meteen op onderzoek uit.

Mijn overgrootmoeder Hendrika Rupzaat woonde echter niet op Voorstraat 72 maar schuin eronder op nummer 74. Van 20 oktober 1954 tot en met 7 december 1979 om precies te zijn. Vijfentwintig jaar lang in hetzelfde huis! Mijn vader werd op 13 maart 1957 op nummer 72 geboren en het gezin vertrok er op 15 maart 1960. Dit betekent dat mijn vader de eerste drie jaar van zijn leven héél dicht bij zijn oma heeft gewoond.

Op Dordtenazoeker zocht ik meteen even verder en ontdekte dat mijn overgrootmoeder vanuit de Voorstraat verhuisde naar Eureka, een verzorgingstehuis aan de Burgemeester de Raadtsingel. Ik liet mij vertellen dat dit rusthuis vooral bedoeld was voor mensen met het syndroom van Korsakov. Hendrika had dus waarschijnlijk een alcoholverslaving. Het pand waarin Eureka gevestigd was, staat er nog steeds. Ik ben er jaren geleden zelfs binnen geweest, zonder te weten dat mijn overgrootmoeder daar haar laatste adem uitblies…

Bronnen: 1 / 2 / 3

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *