Jan Willemse runde zijn eigen logement

Ten tijde van zijn overlijden in 1841 was mijn oudgrootvader aan vaders kant kastelein van beroep. Jan Willemse den Rooijen runde dus zijn eigen logement. Ik was benieuwd sinds wanneer hij dit deed en dus pakte ik de geboorteakten van zijn kinderen erbij. Deze akten vertelden me het volgende:

naam kind / geboortedatum / beroep Jan
Willem / 1 januari 1817 / winkelier (bron)
Hendrik / 7 oktober 1820 / vlasbouwer (bron)
Teuntje / 1 oktober 1822 / vlasfabrikant (bron)
Hendrk / 2 augustus 1824 / kastelein (bron)
Magdalena / 1 november 1825 / kastelein (bron)
Gijsbert / 11 augustus 1827 / logementhouder (bron)
Jan / 15 mei 1829 / logementhouder (bron)
Maria Lambertina / 15 oktober 1833 / tapper (bron)

Jan runde zijn logement dus minstens 17 jaar lang.

De inschrijving in het bevolkingsregister van 1829 vertelt eveneens dat Jan destijds kastelein was. Interessanter aan dit document is dat ook zijn vrouw Adriana Heijmans een beroep had, en wel ‘particuliere’. Op een forum omschrijft iemand dit beroep als volgt: “Iemand die geheel uit eigen middelen, zonder arbeid of pensioen, in zijn of haar levensonderhoud kan voorzien. Het zal zeker status verhogend zijn geweest om je particulier te kunnen noemen in akten. Rentenier komt dicht bij de betekenis; van de rente van je privékapitaal leven.”

Deze voorouders waren dus duidelijk geen armoedzaaiers… Waar zijn mijn aandelen gebleven?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *